Surinaamse Zangvogel Bond

BROEDVOGELS EN UITBROEDEN

  • Broedvogels  

Het broeden van zangvogels komt steeds vaker voor in Suriname bij met name de Twa Twa en Picolet.  

Alhoewel de meeste vogels nog steeds voorkomen in de vrije natuur is dit niet bij alle soorten zangvogels het geval. Bij bepaalde zangvogels, met name bij de Twa Twa, is de populatie van de vogels in de natuur afgenomen. Mede hierdoor worden steeds meer vogels die in gevangenschap zijn uitgebroed ingezet voor de wedstrijden.

Bij het broeden van vogels gaat het erom dat de vogels bij de kwekers (breeders) zelf worden uitgebroed. De Twa Twa en Picolet zangvogels die worden uitgebroed komen dus niet uit de vrije natuur, maar worden in gevangenschap uitgebroed bij de kwekers zelf.

Het aantal ‘broedvogels’ dat aan de wedstrijden meedoet, met name bij de Twa Twa, is enorm toegenomen. Dit in tegenstelling tot vroeger toen er haast alleen met ‘bosvogels’ (vogels uit de vrije natuur) werd gewed. Ongeveer 15 jaar geleden is de trend ingezet om bij de Twa Twa ook met broedvogels te wedden.   

  • Het broeden van de vogels

Bij het broeden wordt een volwassen mannetjesvogel samen met een wijfjesvogel geplaatst in een broedhok of in een volière. De wijfjes leggen meestal twee eieren en soms drie. De broedtijd van de eieren bedraagt 13 dagen. Als de babyvogel geboren is wordt het, zowel door het mannetje als het wijfje gevoed. De voeding van de vogels bestaat voornamelijk uit eivoer, wormen, graszaden, boszaad en padie. De ouders nemen de voeding in hun bek en voeren de babyvogels via de snavel.

Als de jonge vogels twee maanden oud zijn beginnen ze te fluiten. Dit wordt door de kwekers de “broedslag” genoemd. Naarmate de vogels ouder worden wordt de ideale slag (gecultiveerde slag) aangeleerd door het afdraaien van een bestaande slag via een CD of een stick. Hierbij is het van belang dat de vogel, behalve de slag van een CD of stick, ook een andere vogel hoort die deze “ideale slag” fluit. Deze vogels worden de “makers” genoemd en hebben de functie om de veelal jongere vogels dezelfde slag aan te leren.

Door het aanhoren van de ideale slag via een CD of stick en het meefluiten met de maker kunnen de jonge vogels de gewenste slag aanleren. Soms leren de jonge vogels de ideale slag alleen al door het afdraaien van deze slag via een CD of stick, zonder dat ze perse met een maker hebben meegefloten.